Hoewel de meeste honden aan het hele gezin hangen, is het eerder
regel dan uitzondering dat een hond zijn favoriete gezinslid heeft.
Meestal vormt dat geen probleem. Het is vervelender als iemand die
juist alle liefde aan de hond geeft, weinig tot niets terugkrijgt.
Lekkere hapjes, veel knuffels en aandacht, niets lijkt te helpen.
De hond `moet' dat gezinslid gewoon niet...
Oorzaak
- hond ervaart attenties negatief.
- de hond vindt de dingen 'samen' niet spannend.
- niet gesocialiseerd op die sekse.
Voorkomen
- samen zaken ondernemen die een hond leuk vindt.
- socialisatie op verschillende personen en sekse.
- niet voortdurend knuffelen.
Oplossen
- iedereen dient de hond te negeren, leuke dingen worden gedaan
door de 'outcast'.
- hond afhankelijker van je maken door hem te laten werken voor
dingen die hij prettig vindt.
Gelukkig komt het niet zo vaak voor dat een hond een van de
gezinsleden simpelweg niet moet. Want het is toch een beetje gênant
om te zien dat een hond wegvlucht achter andere gezinsleden of
onder een bank, of zelfs de kamer helemaal verlaat als die ene
niet-geliefde mens binnenkomt. Je zou bijna de indruk kunnen
krijgen dat die specifieke persoon de hond echt iets heeft misdaan!
En dat is vaak helemaal niet het geval. Integendeel zelfs, de
persoon in kwestie wringt zich juist in honderdduizend bochten om
het de hond maar naar de zin te maken: geeft lekkere hapjes,
knuffelt het dier veelvuldig en schudt het hondenbed nog eens
lekker op.
Begeleiding
Om de afwijzende viervoeter tot een andere relatie met het
verguisde gezinslid te brengen, is medewerking van het hele gezin
nodig. Alle gezinsleden dienen zich wat afzijdig van de hond te
houden. De leuke dingen moeten een aantal weken alleen maar van het
verguisde gezinslid komen, zodat de hond merkt dat alleen dáár nog
iets te halen valt. Daardoor zal hij zich afhankelijker van die
persoon gaan voelen en afhankelijker betekent in de praktijk voor
een hond aanhankelijker. Maar wat zijn leuke dingen voor een hond?
Dat is zeker niet de aandacht waarin zo'n afgewezen persoon zijn
affectie giet.
Honden houden er niet van om te worden geknuffeld als ze net
rustig op hun plaats liggen. En met het geven van een hondenbrokje
maak je nog geen vriendjes. Wanneer de hond naar de andere
gezinsleden toegaat om te worden geaaid, dienen deze hem te
negeren. Ze gaan niet in op zijn vraag om affectie. De verguisde
persoon gaat zitten in de stoel waarbij de hond meestal op de grond
ligt, meestal de stoel van zijn favoriete gezinslid. Deze laatste
zal zijn 'eigen' plek dus even moeten opgeven teneinde de therapie
te doen slagen. De dagelijkse uitjes worden alleen nog maar gedaan
door het verguisde gezinslid. Deze gedraagt zich vrolijk en beweegt
zich opgewekt. Er wordt niet geknuffeld of geaaid, tenzij de hond
daar zelf toe uitnodigt. En dan nog slechts heel kort; de knuffel
moet ophouden voordat de hond zelf de kans krijgt het contact af te
breken. Tegelijk zorgt die persoon niet dominant - dus bedreigend
- over te komen. Dat betekent dat hij of zij niet over de hond heen
buigt en niet in de nek aait. Het is beter op de borst te aaien en
opzij van de kop. Soms is het handig om wat kleiner te lijken, dus
te bukken of door de knieën te gaan om zo op gelijke hoogte met de
hond te komen. Kijk de hond daarbij niet aan, want aankijken
ervaart een hond als dominantievertoon en dat is op deze momenten
gewoon niet handig.
Voer als motivatie tot contact en
afhankelijkheid
Voer de hond uit de hand, brokje voor
brokje, in plaats van hem zijn maaltijd uit een bak te geven. Voer
op wisselende tijden en niet alles tegelijk, maar verdeel het over
een paar keer per dag. Daardoor blijft de hond trek houden en moet
hij wel aandacht blijven geven en in de omgeving blijven van de
verguisde persoon.
Spelen? Dat wil ik ook heus wel met je
Spelletjes worden alleen nog maar door de afgewezen persoon
gespeeld. Wanneer de hond niet met hem of haar wenst te spelen,
maar wel met een van de andere gezinsleden, dan start deze het spel
en laat de verguisde persoon het vervolgens overnemen. Vaak is het
voldoende om deze opstelling, waarbij dus echt het hele gezin moet
meewerken, een week of drie te hanteren om de hond duidelijk te
maken dat hij niet in de situatie is om te kiezen wie hem wel of
niet bevalt.
Het hele gezin moet dus meewerken aan de therapie om te zorgen
dat de hond tegen elk gezinslid even gezellig gaat doen. Dat is
voor niemand makkelijk, want het is niet leuk om je hond te moeten
negeren wanneer je het normaal gesproken zo fijn met hem hebt. De
verguisde persoon moet zich een andere houding naar de hond
aanmeten: hij of zij moet zich niet langer aan hem opdringen, maar
de hond juist van hem of haar afhankelijker maken voor de leuke
dingen in het leven.
Commentaren